Mijn eigengemaakte sushi viel een beetje in het water. De rijst was te droog en de sushi was moeilijk op te rollen. De keuken ligt onderhand vol met rijst. Maar met wat sesamolie, wasabi en soja saus is er heel wat van te maken. Met name als je uitschiet met de wasabi. Ai. Die scherpte schiet zo lekker je neus in. Pfoe. Toch was het wel lekker.
Het open veld
De laatste paar weken ontvang ik steeds vaker de vraag van vrienden, kennissen en zelfs collega's of het niet eens tijd zou worden om mijn blog in boekvorm uit te brengen. Natuurlijk is het niet zo dat ik daar zelf nooit aan gedacht heb. Het probleem is eigenlijk dat je als maker nogal kritisch naar je eigen schrijfsels bent. Dat maakt het niet eenvoudig om iets zomaar uit te brengen.
De manier waarop ik het boek uit wil brengen is geen probleem in onze digitale wereld. Ik heb reeds software gevonden die dat klusje voor me klaren kan. Met bijzonder mooi resultaat. Het heet Blurb (blurb, flickr, wie verzint toch al die idiote namen?) en een voorbeeld vond ik hier. Een vrouw maakt steeds een themafoto bij elk boek dat ze leest, wat ze nu gebundeld heeft in een eigen fotoboek. Dat ziet er toch wel erg professioneel uit. Dus ik ook aan de gang natuurlijk. Eerst besloot ik gewoonweg mijn hele blog te importeren in Blurb. Ai, dat werden al gauw 170 pagina's. Kost me iets van 120 dollar. Hmm. Misschien eerst maar eens klein beginnen voor een demootje. Of moet ik juist groot beginnen? Hoogmoed komt voor de val? Ik ben maar begonnen met het selecteren van stukjes die me bevallen.
De stukjes die stammen uit 2006 en 2007 zijn vooral uit mijn eigen leven gegrepen. Meer een digitaal dagboek, zonder teveel persoonlijk drama. Op zich ben ik daar best tevreden over, maar de meeste ervan bevatten veel namen en beschrijven allerlei situaties, van schoolkampen tot winkelen, tot Pinkpop en andere concerten. Niet heel erg interessant voor de medemens wellicht. En niet zo interessant om terug te lezen, al moest ik om sommige stukken wel lachen. Sommige stukjes vind ik vrij goed, anderen zou ik bijna van mijn blog willen verwijderen. Het is toch een stukje historie van mijn evolutie in mijn schrijfwerk, dus ik laat ze nog even bestaan.
Het viel me op dat ik eigenlijk pas echt vanuit het hart ben gaan schrijven toen ik mezelf meer bloot durfde te geven op het net. Niet qua foto’s of persoonlijk drama, maar meer in mijn mening. Wat er zich in mijn hart afspeelt. Ik heb net ‘Als een Rivier’ van Paulo Coelho uitgelezen. Het viel me op dat Paulo’s boeken zo’n enorm succes zijn, omdat hij zich zo bloot durft te geven en de lezer toestaat met hem mee te leven. Dat vereist redelijk wat moed. En voor de lezer is het een opluchting te lezen dat Paulo soms diep gekwetst wordt, dan weer even woedend is, dan heel bang of nerveus wordt en in een aantal situaties ook niet goed weet wat hij ermee aanmoet. Hij geeft mij zo de kracht om te struikelen, te blunderen, weer op te staan en op nieuw te proberen. Minder hard voor mezelf te zijn. En lezen we ergens ook niet om op kracht te komen?
Goed, ik dwaal wellicht een beetje af, maar de stukjes van Paulo in ‘Als een Rivier’ hadden zo blogposts kunnen zijn, omdat het allemaal korte stukjes zijn. Al worden mijn schrijfsels steeds langer. Grappig genoeg betekent dat volgens mij niet dat het minder gelezen wordt. Ik merk ook dat als ik schrijf over onderwerpen die mij enthousiast maken en energie geven, dat goed wordt ontvangen, door zowel mijzelf als mijn klein schare aan lezers. Gaandeweg kan ik steeds helderder beschrijven wat ik meemaak en verbind daar graag een filosofische of boeddhistische ideologie achter, van mezelf of van anderen.
Daarbij zijn de oude stukjes voor mij iets minder waardevol geworden om te publiceren. Nu rijst er wel een klein dilemma. Want, zoals dat nou eenmaal gaat, zal ik een jaar verder hoogstwaarschijnlijk ook zo naar mijn huidige stukjes kijken. Verdorie, hoe gaan professionele schrijvers hiermee om? Als ze een boek herlezen dat ze vijf jaar geleden geschreven hebben, leggen ze het dan ook met schaamrood op de kaken weg? Zouden ze het niet gewoonweg willen herschrijven? Of moet je op een gegeven moment kunnen zeggen en nu is het klaar en het daarna nooit meer inkijken? Lezen schrijvers hun eigen boeken eigenlijk? Het redigeren van teksten ligt bij mij in ieder geval behoorlijk op de loer, als ik oude stukjes lees wil ik er eigenlijk meteen mijn 'nieuwe' stempel overheen drukken. Dit wordt een moeilijkere opdracht als ik dacht. Het gaat niet zozeer om de vraag hoe een boek te publiceren, maar wat ga ik publiceren?
Om even inspiratie op te doen ben ik naar mijn inmiddels bekende en geliefde Bilthovense bos gefietst, om daar in mijn eentje als verdwaalde want-to-be-schrijfster rond te lopen. Het dilemma week niet van mijn zijde. Wat moet ik nou publiceren, wil ik wel iets publiceren? Van welke periode? Waar begin en eindig je mee? En ga ik ooit tevreden zijn over een publicatie? Ik werd er lichtelijk moedeloos van en begon over het nut van zo’n boek na te denken. Wat voor doel heeft het eigenlijk dat ik zo nodig een boek moet schrijven. Als ik straks het hoekje om ben, is het dan interessant om leesvoer achter te laten? Heeft iemand daar überhaupt iets aan?
Lichtelijk gefrustreerd zonk ik neer bij een oude boom, om daar mijn meegebrachte kaasbroodje op te peuzelen. Voor mij lag een van de grote uitgestreken open velden in het bos. Ik hou nooit zo van open velden, voel me altijd meer thuis onder de bomen en geniet daar van het uitzicht op het veld. Het open veld geeft een soort enorme ruimte en vrijheid, maar ook een weerwar aan keuzes. Je kunt immers alle kanten op. Dat vind ik aan de ene kant fascinerend, maar aan de andere kant lichtelijk beangstigend. Bomen zorgen voor obstakels in het landschap en bieden bescherming door hun takken. Het pad tussen de bomen is reeds gemaakt, door de mensen die voor mij hier gelopen hebben. Voor dat pad is de weg eigenlijk al vrijgemaakt. Het open veld is iets heel anders. Dat is ongetemd, staat vol met mooie bloemen maar ook met distels. Het veld biedt je zowel allerlei mogelijkheden als hindernissen. En gezien de loslopende koeien en paarden, loop je ook nog eens het risico om er door eentje omver geknikkerd te worden.
In mijn mijmering haakte ik de gedachten als metafoor aan mijn publicatiedilemma. De natuur heeft niet een bepaald nut. Ze kan ons inspireren, tegenwerken of meegeven, voeden of verwoesten. Alles houdt elkaar in stand. Er is geen zeker nut, het is er gewoonweg.
Misschien kunnen we als mens alleen zelf zin geven aan ons leven. Misschien bestaat dat simpele woord zingeving alleen in ons hoofd, als tegenstelling van nutteloos, of onzin. Het woord zin lijkt trouwens wel een beetje op zen. Met alleen een verschil in de klinkers. Grappig. Als we alleen zelf zin kunnen toekennen, betekent dit wellicht dat we zin creëren door de keuzes die we maken. Ik zal zelf zin aan mijn boek moeten geven, wil het voor mijzelf een succes kunnen worden. Dat betekent dat alle verantwoording dus bij mijzelf ligt. Degene die creëert draagt de verantwoording tot zingeving, ongeacht het resultaat, ongeacht dat het resultaat niet enkel afhankelijk is van de maker.
Een bos bloemen in huis halen bijvoorbeeld. Sommigen doen dit nooit om de simpele reden dat bloemen gewoonweg weer verwelken. Maar als jij bloemen in huis haalt, is het jouw eigen verantwoording ze zin te geven, door er bijvoorbeeld van te genieten. Ook al zijn ze er maar kort en zou je ze als ‘nutteloos’ kunnen zien. Je zou er een bloemstukje van kunnen maken. Of aan iemand te geven waarvan je houdt. Allemaal manieren om de bloemen zin te geven.
Ook het feit dat ik schrijf ontstaat niet uit het niets. Natuurlijk ben ik op een gegeven moment gaan schrijven, maar dat was wellicht niet gebeurd als ik niet gestimuleerd werd om te lezen. Als mijn ouders me niet steeds van alles leerden over hoe de wereld in elkaar zat. Met name mijn vader kon uren vertellen over de aarde, het heelal, sterren, planeten en de natuur. Dat doet hij overigens gelukkig nog steeds heel graag. En mijn moeder, die mijn creativiteit constant prikkelde, door samen met mij van alles te freubelen, met verf, stof, klei, noem maar op. Wat te denken van alle mensen die door de jaren heen mijn werk becommentarieerd en mij aangemoedigd hebben om te blijven schrijven. Beginnende bij mijn opa, die mijn kinderlijke schrijfseltjes las en daar enthousiast over raakte. 'Nienke moet schrijfster worden', zei hij tegen mijn moeder, toen we met zijn allen in de caravan zaten, op vakantie in Nederland. Ik was apetrots natuurlijk, amper een jaar of twaalf oud. Ik heb die verhaaltjes nog steeds. En nu moet het er langzaam eens echt van komen.
Als je echt je dromen wilt verwezenlijken, dien je risico's te nemen. Zo confronteer je meteen je angsten en verlangens. Want het is erg pijnlijk wanneer je faalt terwijl je probeert dromen te verwezenlijken. Het is veel veiliger te falen in iets waar je geen passie voor voelt. Dat doet namelijk ook niet zoveel pijn. Je grootste droom is het immers toch niet. Je haalt je schouders op en gaat weer iets anders proberen. Zo speelde ik vroeger liever gitaar en keyboard dan dat ik op zangles ging. Terwijl ik zingen eigenlijk veel liever deed en nog heel graag doe. Nog steeds heb ik nooit zangles genomen. Ik zou immers wel eens kunnen horen dat ik helemaal niet goed kan zingen. Of dat ik nog HEEL veel werk te doen heb. Dan liever thuis, lekker op mezelf. Dan heb ik er overigens nog steeds veel plezier in. Plezier is natuurlijk erg belangrijk, maar als je middels een droom angsten kunt overwinnen, geeft dat je naast plezier ook nog een enorme vrijheid. Dat gevoel dat je iets doet wat je eigenlijk doodeng vindt en na de uitvoer ervan merken dat je nog steeds leeft. Dat de wereld niet zijn kop staat. Een gevoel van innerlijke overwinning. Wat waarschijnlijk ook de reden is dat mensen zich uit vliegtuigen laten gooien en bungyjumpen, maar dat zijn manieren om andere soorten angst te overwinnen.
Het lijkt toch weer terug te komen op het nemen van risico's en je kwetsbaar op te durven stellen. Immers, als we het niet proberen, worden we ons hele leven alleen maar geleefd door de angsten in ons hoofd, die ons van ons ware pad afbrengen. Zo missen we misschien de kans om echt zin aan ons leven te geven. Het verschil beleven tussen het open veld betreden, of blijven verschuilen in de koele schaduw van de bomen. Gesterkt sta op vanuit de koele, beschermende schuilplaats onder de boom en loop de zinderende hitte van het open veld in. En trap verduiveld meteen in een brandnetel. Ach ja, niemand heeft ooit beweerd dat het gemakkelijk zou zijn.
De manier waarop ik het boek uit wil brengen is geen probleem in onze digitale wereld. Ik heb reeds software gevonden die dat klusje voor me klaren kan. Met bijzonder mooi resultaat. Het heet Blurb (blurb, flickr, wie verzint toch al die idiote namen?) en een voorbeeld vond ik hier. Een vrouw maakt steeds een themafoto bij elk boek dat ze leest, wat ze nu gebundeld heeft in een eigen fotoboek. Dat ziet er toch wel erg professioneel uit. Dus ik ook aan de gang natuurlijk. Eerst besloot ik gewoonweg mijn hele blog te importeren in Blurb. Ai, dat werden al gauw 170 pagina's. Kost me iets van 120 dollar. Hmm. Misschien eerst maar eens klein beginnen voor een demootje. Of moet ik juist groot beginnen? Hoogmoed komt voor de val? Ik ben maar begonnen met het selecteren van stukjes die me bevallen.
De stukjes die stammen uit 2006 en 2007 zijn vooral uit mijn eigen leven gegrepen. Meer een digitaal dagboek, zonder teveel persoonlijk drama. Op zich ben ik daar best tevreden over, maar de meeste ervan bevatten veel namen en beschrijven allerlei situaties, van schoolkampen tot winkelen, tot Pinkpop en andere concerten. Niet heel erg interessant voor de medemens wellicht. En niet zo interessant om terug te lezen, al moest ik om sommige stukken wel lachen. Sommige stukjes vind ik vrij goed, anderen zou ik bijna van mijn blog willen verwijderen. Het is toch een stukje historie van mijn evolutie in mijn schrijfwerk, dus ik laat ze nog even bestaan.
Het viel me op dat ik eigenlijk pas echt vanuit het hart ben gaan schrijven toen ik mezelf meer bloot durfde te geven op het net. Niet qua foto’s of persoonlijk drama, maar meer in mijn mening. Wat er zich in mijn hart afspeelt. Ik heb net ‘Als een Rivier’ van Paulo Coelho uitgelezen. Het viel me op dat Paulo’s boeken zo’n enorm succes zijn, omdat hij zich zo bloot durft te geven en de lezer toestaat met hem mee te leven. Dat vereist redelijk wat moed. En voor de lezer is het een opluchting te lezen dat Paulo soms diep gekwetst wordt, dan weer even woedend is, dan heel bang of nerveus wordt en in een aantal situaties ook niet goed weet wat hij ermee aanmoet. Hij geeft mij zo de kracht om te struikelen, te blunderen, weer op te staan en op nieuw te proberen. Minder hard voor mezelf te zijn. En lezen we ergens ook niet om op kracht te komen?
Goed, ik dwaal wellicht een beetje af, maar de stukjes van Paulo in ‘Als een Rivier’ hadden zo blogposts kunnen zijn, omdat het allemaal korte stukjes zijn. Al worden mijn schrijfsels steeds langer. Grappig genoeg betekent dat volgens mij niet dat het minder gelezen wordt. Ik merk ook dat als ik schrijf over onderwerpen die mij enthousiast maken en energie geven, dat goed wordt ontvangen, door zowel mijzelf als mijn klein schare aan lezers. Gaandeweg kan ik steeds helderder beschrijven wat ik meemaak en verbind daar graag een filosofische of boeddhistische ideologie achter, van mezelf of van anderen.
Daarbij zijn de oude stukjes voor mij iets minder waardevol geworden om te publiceren. Nu rijst er wel een klein dilemma. Want, zoals dat nou eenmaal gaat, zal ik een jaar verder hoogstwaarschijnlijk ook zo naar mijn huidige stukjes kijken. Verdorie, hoe gaan professionele schrijvers hiermee om? Als ze een boek herlezen dat ze vijf jaar geleden geschreven hebben, leggen ze het dan ook met schaamrood op de kaken weg? Zouden ze het niet gewoonweg willen herschrijven? Of moet je op een gegeven moment kunnen zeggen en nu is het klaar en het daarna nooit meer inkijken? Lezen schrijvers hun eigen boeken eigenlijk? Het redigeren van teksten ligt bij mij in ieder geval behoorlijk op de loer, als ik oude stukjes lees wil ik er eigenlijk meteen mijn 'nieuwe' stempel overheen drukken. Dit wordt een moeilijkere opdracht als ik dacht. Het gaat niet zozeer om de vraag hoe een boek te publiceren, maar wat ga ik publiceren?
Om even inspiratie op te doen ben ik naar mijn inmiddels bekende en geliefde Bilthovense bos gefietst, om daar in mijn eentje als verdwaalde want-to-be-schrijfster rond te lopen. Het dilemma week niet van mijn zijde. Wat moet ik nou publiceren, wil ik wel iets publiceren? Van welke periode? Waar begin en eindig je mee? En ga ik ooit tevreden zijn over een publicatie? Ik werd er lichtelijk moedeloos van en begon over het nut van zo’n boek na te denken. Wat voor doel heeft het eigenlijk dat ik zo nodig een boek moet schrijven. Als ik straks het hoekje om ben, is het dan interessant om leesvoer achter te laten? Heeft iemand daar überhaupt iets aan?
Lichtelijk gefrustreerd zonk ik neer bij een oude boom, om daar mijn meegebrachte kaasbroodje op te peuzelen. Voor mij lag een van de grote uitgestreken open velden in het bos. Ik hou nooit zo van open velden, voel me altijd meer thuis onder de bomen en geniet daar van het uitzicht op het veld. Het open veld geeft een soort enorme ruimte en vrijheid, maar ook een weerwar aan keuzes. Je kunt immers alle kanten op. Dat vind ik aan de ene kant fascinerend, maar aan de andere kant lichtelijk beangstigend. Bomen zorgen voor obstakels in het landschap en bieden bescherming door hun takken. Het pad tussen de bomen is reeds gemaakt, door de mensen die voor mij hier gelopen hebben. Voor dat pad is de weg eigenlijk al vrijgemaakt. Het open veld is iets heel anders. Dat is ongetemd, staat vol met mooie bloemen maar ook met distels. Het veld biedt je zowel allerlei mogelijkheden als hindernissen. En gezien de loslopende koeien en paarden, loop je ook nog eens het risico om er door eentje omver geknikkerd te worden.
In mijn mijmering haakte ik de gedachten als metafoor aan mijn publicatiedilemma. De natuur heeft niet een bepaald nut. Ze kan ons inspireren, tegenwerken of meegeven, voeden of verwoesten. Alles houdt elkaar in stand. Er is geen zeker nut, het is er gewoonweg.
Misschien kunnen we als mens alleen zelf zin geven aan ons leven. Misschien bestaat dat simpele woord zingeving alleen in ons hoofd, als tegenstelling van nutteloos, of onzin. Het woord zin lijkt trouwens wel een beetje op zen. Met alleen een verschil in de klinkers. Grappig. Als we alleen zelf zin kunnen toekennen, betekent dit wellicht dat we zin creëren door de keuzes die we maken. Ik zal zelf zin aan mijn boek moeten geven, wil het voor mijzelf een succes kunnen worden. Dat betekent dat alle verantwoording dus bij mijzelf ligt. Degene die creëert draagt de verantwoording tot zingeving, ongeacht het resultaat, ongeacht dat het resultaat niet enkel afhankelijk is van de maker.
Een bos bloemen in huis halen bijvoorbeeld. Sommigen doen dit nooit om de simpele reden dat bloemen gewoonweg weer verwelken. Maar als jij bloemen in huis haalt, is het jouw eigen verantwoording ze zin te geven, door er bijvoorbeeld van te genieten. Ook al zijn ze er maar kort en zou je ze als ‘nutteloos’ kunnen zien. Je zou er een bloemstukje van kunnen maken. Of aan iemand te geven waarvan je houdt. Allemaal manieren om de bloemen zin te geven.
Ook het feit dat ik schrijf ontstaat niet uit het niets. Natuurlijk ben ik op een gegeven moment gaan schrijven, maar dat was wellicht niet gebeurd als ik niet gestimuleerd werd om te lezen. Als mijn ouders me niet steeds van alles leerden over hoe de wereld in elkaar zat. Met name mijn vader kon uren vertellen over de aarde, het heelal, sterren, planeten en de natuur. Dat doet hij overigens gelukkig nog steeds heel graag. En mijn moeder, die mijn creativiteit constant prikkelde, door samen met mij van alles te freubelen, met verf, stof, klei, noem maar op. Wat te denken van alle mensen die door de jaren heen mijn werk becommentarieerd en mij aangemoedigd hebben om te blijven schrijven. Beginnende bij mijn opa, die mijn kinderlijke schrijfseltjes las en daar enthousiast over raakte. 'Nienke moet schrijfster worden', zei hij tegen mijn moeder, toen we met zijn allen in de caravan zaten, op vakantie in Nederland. Ik was apetrots natuurlijk, amper een jaar of twaalf oud. Ik heb die verhaaltjes nog steeds. En nu moet het er langzaam eens echt van komen.
Als je echt je dromen wilt verwezenlijken, dien je risico's te nemen. Zo confronteer je meteen je angsten en verlangens. Want het is erg pijnlijk wanneer je faalt terwijl je probeert dromen te verwezenlijken. Het is veel veiliger te falen in iets waar je geen passie voor voelt. Dat doet namelijk ook niet zoveel pijn. Je grootste droom is het immers toch niet. Je haalt je schouders op en gaat weer iets anders proberen. Zo speelde ik vroeger liever gitaar en keyboard dan dat ik op zangles ging. Terwijl ik zingen eigenlijk veel liever deed en nog heel graag doe. Nog steeds heb ik nooit zangles genomen. Ik zou immers wel eens kunnen horen dat ik helemaal niet goed kan zingen. Of dat ik nog HEEL veel werk te doen heb. Dan liever thuis, lekker op mezelf. Dan heb ik er overigens nog steeds veel plezier in. Plezier is natuurlijk erg belangrijk, maar als je middels een droom angsten kunt overwinnen, geeft dat je naast plezier ook nog een enorme vrijheid. Dat gevoel dat je iets doet wat je eigenlijk doodeng vindt en na de uitvoer ervan merken dat je nog steeds leeft. Dat de wereld niet zijn kop staat. Een gevoel van innerlijke overwinning. Wat waarschijnlijk ook de reden is dat mensen zich uit vliegtuigen laten gooien en bungyjumpen, maar dat zijn manieren om andere soorten angst te overwinnen.
Het lijkt toch weer terug te komen op het nemen van risico's en je kwetsbaar op te durven stellen. Immers, als we het niet proberen, worden we ons hele leven alleen maar geleefd door de angsten in ons hoofd, die ons van ons ware pad afbrengen. Zo missen we misschien de kans om echt zin aan ons leven te geven. Het verschil beleven tussen het open veld betreden, of blijven verschuilen in de koele schaduw van de bomen. Gesterkt sta op vanuit de koele, beschermende schuilplaats onder de boom en loop de zinderende hitte van het open veld in. En trap verduiveld meteen in een brandnetel. Ach ja, niemand heeft ooit beweerd dat het gemakkelijk zou zijn.
Posted by Naiyaru
on
-
Beeldschone Boeken
Posted by Naiyaru
on
-
Confrontatie
Na mijn missies voltooid te hebben loop ik richting de Janskerk. Al een aantal keer viel me de World Press Photo tentoonstelling op die daar gehouden wordt en ik wilde deze graag bezichtingen. Nathalie en ik wilden donderdagavond al gaan, maar we waren natuurlijk te laat, dat krijg je als je twee dames op een terrasje zet en ze flink bij willen kletsen. Ik wilde meteen doorlopen tot me verteld werd dat het geen gratis tentoonstelling was. Daarnaast bleek het een halfuur voor sluitingstijd te zijn. Maar dan kreeg ik wel korting, al maakte me dat niet zoveel uit, ik wilde gewoon naar binnen. Raboleden kregen sowieso korting en zo leerde ik dat het meisje aan de balie ook een Rabocollegaatje was. Na even kort gepraat te hebben excuseerde ik me, anders moest ik de fotogalerij in een kwartiertje afwerken in plaats van het halfuurtje wat me nog restte.
Allereerst vond ik het bijzonder in de Janskerk te zijn. De enige andere keer dat ik er geweest ben was voor het tekenen en ontvangen van mijn Schoevers propedeuse. Dat lijkt wel een mensenleven geleden. Negentien was ik toen en had geen idee wat ik met mijn leven wilde. Eerlijk gezegd weet ik dat nog steeds niet helemaal, maar dat geeft niet. Ik heb immers alle vrijheid om daarover te beslissen. Ik schud de gedachten van me af en richt me op de foto’s.
De eerste foto's zijn van mensen menigten en oorlog. Even moet ik mijn verwachtingen bijstellen. Mijn idee van mooie foto's zijn zo'n beetje wat ik in mijn favorieten heb staan. Dit zijn echter een heel ander soort foto's als ik gewend ben. Ik zie foto's van een oorlog in Georgië, waarvan ik niet eens op de hoogte was. Er staan huilende mensen op. En dode mensen. Een paar minuten geleden was ik alleen maar bezig met nadenken over cadeautjes, boeken en of ik nou een mozzarella wrap of een tosti zou bestellen. Hier liep ik een andere wereld binnen. Het contrast raakt me diep. Verderop zie ik een foto van een lijk, een oorlogsslachtoffer, drijvend in het water. De kleding is al half vergaan en ik kan het verschil niet meer zien tussen wat ooit huid was en de vodden die de man nog aanheeft. Wat afgrijselijk. Met weerzin blijf ik er nog naar staren, ik wil mijn ogen er niet voor sluiten. Wat me het meest raakt is dat deze man niet gewoon gestorven is, maar gedood is door andere mensen. Gedood door haat en angst.
Even laat ik mijn blik gaan over de mensen om me heen. Sommige kijken stoïcijns, sommigen lijken in zichzelf gekeerd. De emoties zijn moeilijk te lezen. Ik huiver en loop naar de volgende serie. Een alleenstaande moeder met autistische kinderen. Op een foto huilt ze, op een ander ligt ze met haar kinderen in bed. Een ander laat haar dochter zien, terwijl ze door twee mensen schreeuwend weggedragen wordt. Een volgende galerij laat een alleenstaande moeder zien met zeven kinderen, waaronder een kind met verlatingsangst. Twee kinderen spelen alsof ze roken, met een reeds aangestoken sigaret. Een andere set foto's laat meer oorlogsslachtoffers zien. Een man schreeuwt woordeloos terwijl hij zijn gestorven broer in zijn armen houdt. Een andere foto laat een man zien die vertrapt wordt. Hij kijkt recht in de camera met een smekende blik in zijn ogen.
Onbegrijpelijk. Hoe kan iemand nou zo'n foto maken, vraag ik me af. Ik wil niet oordelen, maar ik kan me niet voorstellen dat je zo'n emotie op de foto durft te zetten. De secondes die je nodig hebt om de foto te maken kunnen in mijn ogen beter benut worden om de mensen te helpen. Misschien is het niet eerlijk dat ik zo snel oordeel. Ik weet immers helemaal niet hoe de vork in de steel zit. Toch kan ik me niet voorstellen dat ik een fotocamera zou kunnen richten op een man die iets afschuwelijks doormaakt. Ik schud de gedachten van me af en loop langs de kerkbanken naar de overkant.
Foto's van de Olympische Spelen in China. Ik sla ze over, tot ik een foto zie, waarop een televisiescherm te zien dat Chinese winnaressen van de Spelen afbeeld. Naast de televisie hangt een originele Tibetaanse Thanka van Boeddha Sakyamuni. De foto blijkt in een Tibetaanse Souvenierswinkel genomen te zijn. De China – Tibet crisis is hier ook vertegenwoordigd. Snel loop ik door naar wat minder schokkende foto's, van romaanse families, waar schijnbaar de inrichting van het huis erg belangrijk is. De kamers zijn verbazend leeg, de mensen staan trots op de foto met hun bezit.
Ik voel me wat leegjes en verlang naar een beetje warmte en steun na de schokkende beelden. Als geroepen komt er een meisje naast me staan. Ze haalt eenmaal hardop adem, waaruit ik opmaak dat de foto's haar ook geraakt hebben. Misschien voelt ze zich wel net zoals ik. Als ik de foto’s bekijk komt ze dicht naast me staan en wijkt een paar minuten niet van mijn zijde. Ze volgt me naar de andere foto’s en blijft ongewoon dichtbij me in de buurt. We praten niet, wisselen geen blikken uit, maar toch werkt haar aanwezigheid troostend na al die heftige beelden.
Lichtelijk onthutst verlaat ik de galerij. Het steekt me dat we ons zo afgescheiden van elkaar voelen. Elkaar als vreemden zien. Het kost al zoveel moeite om elkaar even aan te spreken of in de ogen te kijken. Even ons gevoel te delen. Ik wilde tegen het meisje mijn gevoel over de foto's uiten, maar ook ik deed dat niet. Misschien was het in dit geval ook niet nodig, we leken elkaar zonder woorden te begrijpen. Toch was het gevoel van afgescheiden te zijn wrang. Ik kan me namelijk niet anders voorstellen dat alle bezoekers op de een of andere manier geraakt zijn door de foto’s.
Ik steek het plein over en neem plaats op een bankje, vlakbij de bloemenmarkt. Achter me worden bloemetjes en plantjes verkocht. Het klinkt gezellig, maar ik wil het nare gevoel dat ik heb nog niet wegjagen. Ik denk aan de foto's van een stel albino kinderen in Tanzania. De albino's leven in grote armoede en angst, als paria's, omdat men daar gelooft dat een brouwsel van albino ledematen bepaalde kwalen verhelpt. In 2008 zijn er in Tanzania zo'n 25 albino's vermoord. Dit bijgeloof komt in bijna heel Afrika voor. En dat in deze tijd. Ik voel me lichtelijk misselijk. Ik kan het me gewoonweg niet voorstellen, dat op het moment dat ik hier, op dit bankje zit, dit soort taferelen zich afspelen in de wereld.
De foto's hebben me wakker geschud en de vraag doen rijzen wat lijden eigenlijk werkelijk inhoudt. Wat het betekent als wij het hebben over geboorte, ouderdom, ziekte en dood. Wat bedoel ik eigenlijk als ik in de beoefening zweer om lijden en onrecht niet toe te staan? Zou ik moedig genoeg zijn om vast te houden aan mijn boeddhistische ideaal van compassie en mededogen in bovenstaande situaties? Kan ik vanuit liefde leven als ik echt mijn handen vuil zou moeten maken? Deze vragen kan ik niet beantwoorden, maar de realisatie neem ik mee in mijn hart.
Vreemd genoeg fiets ik later toch met een gelukkig en vrij gevoel naar mijn huis. Afschuw heeft plaatsgemaakt voor dankbaarheid voor de mooie en goede dingen in mijn leven. Ik denk, dat het de bedoeling is om je ogen te openen voor het lijden om je heen en daardoor tegelijkertijd ook intens te kunnen genieten van de mooie dingen in het leven. De weg van het fragiele evenwicht tussen lijden en geluk kunnen bewandelen door middel van de juiste keuzes te maken, vanuit innerlijke wijsheid. Beide uitersten horen immers bij ons leven. Draait het dan toch om evenwicht?
Allereerst vond ik het bijzonder in de Janskerk te zijn. De enige andere keer dat ik er geweest ben was voor het tekenen en ontvangen van mijn Schoevers propedeuse. Dat lijkt wel een mensenleven geleden. Negentien was ik toen en had geen idee wat ik met mijn leven wilde. Eerlijk gezegd weet ik dat nog steeds niet helemaal, maar dat geeft niet. Ik heb immers alle vrijheid om daarover te beslissen. Ik schud de gedachten van me af en richt me op de foto’s.
De eerste foto's zijn van mensen menigten en oorlog. Even moet ik mijn verwachtingen bijstellen. Mijn idee van mooie foto's zijn zo'n beetje wat ik in mijn favorieten heb staan. Dit zijn echter een heel ander soort foto's als ik gewend ben. Ik zie foto's van een oorlog in Georgië, waarvan ik niet eens op de hoogte was. Er staan huilende mensen op. En dode mensen. Een paar minuten geleden was ik alleen maar bezig met nadenken over cadeautjes, boeken en of ik nou een mozzarella wrap of een tosti zou bestellen. Hier liep ik een andere wereld binnen. Het contrast raakt me diep. Verderop zie ik een foto van een lijk, een oorlogsslachtoffer, drijvend in het water. De kleding is al half vergaan en ik kan het verschil niet meer zien tussen wat ooit huid was en de vodden die de man nog aanheeft. Wat afgrijselijk. Met weerzin blijf ik er nog naar staren, ik wil mijn ogen er niet voor sluiten. Wat me het meest raakt is dat deze man niet gewoon gestorven is, maar gedood is door andere mensen. Gedood door haat en angst.
Even laat ik mijn blik gaan over de mensen om me heen. Sommige kijken stoïcijns, sommigen lijken in zichzelf gekeerd. De emoties zijn moeilijk te lezen. Ik huiver en loop naar de volgende serie. Een alleenstaande moeder met autistische kinderen. Op een foto huilt ze, op een ander ligt ze met haar kinderen in bed. Een ander laat haar dochter zien, terwijl ze door twee mensen schreeuwend weggedragen wordt. Een volgende galerij laat een alleenstaande moeder zien met zeven kinderen, waaronder een kind met verlatingsangst. Twee kinderen spelen alsof ze roken, met een reeds aangestoken sigaret. Een andere set foto's laat meer oorlogsslachtoffers zien. Een man schreeuwt woordeloos terwijl hij zijn gestorven broer in zijn armen houdt. Een andere foto laat een man zien die vertrapt wordt. Hij kijkt recht in de camera met een smekende blik in zijn ogen.
Onbegrijpelijk. Hoe kan iemand nou zo'n foto maken, vraag ik me af. Ik wil niet oordelen, maar ik kan me niet voorstellen dat je zo'n emotie op de foto durft te zetten. De secondes die je nodig hebt om de foto te maken kunnen in mijn ogen beter benut worden om de mensen te helpen. Misschien is het niet eerlijk dat ik zo snel oordeel. Ik weet immers helemaal niet hoe de vork in de steel zit. Toch kan ik me niet voorstellen dat ik een fotocamera zou kunnen richten op een man die iets afschuwelijks doormaakt. Ik schud de gedachten van me af en loop langs de kerkbanken naar de overkant.
Foto's van de Olympische Spelen in China. Ik sla ze over, tot ik een foto zie, waarop een televisiescherm te zien dat Chinese winnaressen van de Spelen afbeeld. Naast de televisie hangt een originele Tibetaanse Thanka van Boeddha Sakyamuni. De foto blijkt in een Tibetaanse Souvenierswinkel genomen te zijn. De China – Tibet crisis is hier ook vertegenwoordigd. Snel loop ik door naar wat minder schokkende foto's, van romaanse families, waar schijnbaar de inrichting van het huis erg belangrijk is. De kamers zijn verbazend leeg, de mensen staan trots op de foto met hun bezit.
Ik voel me wat leegjes en verlang naar een beetje warmte en steun na de schokkende beelden. Als geroepen komt er een meisje naast me staan. Ze haalt eenmaal hardop adem, waaruit ik opmaak dat de foto's haar ook geraakt hebben. Misschien voelt ze zich wel net zoals ik. Als ik de foto’s bekijk komt ze dicht naast me staan en wijkt een paar minuten niet van mijn zijde. Ze volgt me naar de andere foto’s en blijft ongewoon dichtbij me in de buurt. We praten niet, wisselen geen blikken uit, maar toch werkt haar aanwezigheid troostend na al die heftige beelden.
Lichtelijk onthutst verlaat ik de galerij. Het steekt me dat we ons zo afgescheiden van elkaar voelen. Elkaar als vreemden zien. Het kost al zoveel moeite om elkaar even aan te spreken of in de ogen te kijken. Even ons gevoel te delen. Ik wilde tegen het meisje mijn gevoel over de foto's uiten, maar ook ik deed dat niet. Misschien was het in dit geval ook niet nodig, we leken elkaar zonder woorden te begrijpen. Toch was het gevoel van afgescheiden te zijn wrang. Ik kan me namelijk niet anders voorstellen dat alle bezoekers op de een of andere manier geraakt zijn door de foto’s.
Ik steek het plein over en neem plaats op een bankje, vlakbij de bloemenmarkt. Achter me worden bloemetjes en plantjes verkocht. Het klinkt gezellig, maar ik wil het nare gevoel dat ik heb nog niet wegjagen. Ik denk aan de foto's van een stel albino kinderen in Tanzania. De albino's leven in grote armoede en angst, als paria's, omdat men daar gelooft dat een brouwsel van albino ledematen bepaalde kwalen verhelpt. In 2008 zijn er in Tanzania zo'n 25 albino's vermoord. Dit bijgeloof komt in bijna heel Afrika voor. En dat in deze tijd. Ik voel me lichtelijk misselijk. Ik kan het me gewoonweg niet voorstellen, dat op het moment dat ik hier, op dit bankje zit, dit soort taferelen zich afspelen in de wereld.
De foto's hebben me wakker geschud en de vraag doen rijzen wat lijden eigenlijk werkelijk inhoudt. Wat het betekent als wij het hebben over geboorte, ouderdom, ziekte en dood. Wat bedoel ik eigenlijk als ik in de beoefening zweer om lijden en onrecht niet toe te staan? Zou ik moedig genoeg zijn om vast te houden aan mijn boeddhistische ideaal van compassie en mededogen in bovenstaande situaties? Kan ik vanuit liefde leven als ik echt mijn handen vuil zou moeten maken? Deze vragen kan ik niet beantwoorden, maar de realisatie neem ik mee in mijn hart.
Vreemd genoeg fiets ik later toch met een gelukkig en vrij gevoel naar mijn huis. Afschuw heeft plaatsgemaakt voor dankbaarheid voor de mooie en goede dingen in mijn leven. Ik denk, dat het de bedoeling is om je ogen te openen voor het lijden om je heen en daardoor tegelijkertijd ook intens te kunnen genieten van de mooie dingen in het leven. De weg van het fragiele evenwicht tussen lijden en geluk kunnen bewandelen door middel van de juiste keuzes te maken, vanuit innerlijke wijsheid. Beide uitersten horen immers bij ons leven. Draait het dan toch om evenwicht?
Posted by Naiyaru
on
-
Bookcrossing Part II
Eindelijk heb ik mijn eerste boek in het wild losgelaten, zoals dat genoemd wordt op de bookcrossing site. De keus viel op de Secret History van Donna Tart. Daar heb ik namelijk al een mooie Nederlandse uitgave van in mijn bezit, dus mocht de Engelse versie wat bij betreft wel aan de wandel gaan. De vraag is, waar zal ik het boek achterlaten?
Optie één was voor mij de Coffee Company, gezien daar een lange leestafel staat. Toen ik daar vanmiddag langsliep, trok het me echter toch niet zo aan. Ik wilde er namelijk eigenlijk ook wel een cappuccino bij. En je kon er niet pinnen. Dat betekende dat ik in een ellenlange rij moest gaan staan, de combinatie lekker weer en de zaterdag zorgen voor een overvolle stad. Dilemma. Mijn maag liet me weten dat ik meer dan alleen een kop koffie diende te bestellen. Daarnaast wilde ik nog een cadeautje halen voor een vriendinnetje. Gezien ik voor beiden op het Janskerkhof terecht kan, liep ik die kant uit.
Ik besloot naar boekhandel Bijlevelt te gaan, voor het cadeau dat ik zocht. Terwijl ik door de boeken snuffel komt er een man binnen. Met een cynische ondertoon vraagt hij aan de verkoopster waarom er geen enorm billboard voor Michael Jackson in de etalage stond. De verkoopster reageert ietwat verbijsterd. Als ze antwoord dat dit haar niet nodig lijkt, begint de man een uiteenzetting over het feit dat hij maar niet kan begrijpen waarom er zoveel ophef over Michael Jackson gemaakt wordt. 'De grootste artiest aller tijden? En Mozart dan? En wat dacht je van Beethoven, en Bach!' snuift hij verontwaardigd. De verkoopsster kijkt hem meewarrig aan, niet op haar gemak met de situatie. Ik luister geamuseerd mee, terwijl ik een boek uit het schap pluk en er afwezig in blader. Na een paar minuten is de man klaar met zijn relaas. Hij grinnikt, bedankt de verkoopster en gaat er vandoor. Inwendig grinnik ik mee. Hij heeft wel een punt. Na de boekwinkel drie keer rondgelopen te hebben vind ik eindelijk het gewenste boek en reken het af.
Mede om hun heerlijke cappuccino’s plof ik bij Hemingways neer, dat zich direct naast de boekhandel bevind. Ik kies een vrij leeg gedeelte van het terras uit, waar ik onopgemerkt mijn bookcrossing geschenk achter kan laten. Ik pak het boek uit mijn tas, kijk even rond, en leg het neer op de stoel naast me, uit het zicht. Voldaan bestel ik een cappuccino en een sandwich, en open mijn eigen leesboek (Als Een Rivier van Paulo Coelho, overigens een aanrader). Niet veel later komt er een stel mensen naast mij zitten, twee jongens en een meisje. 'Is dat boek van jou?' vraagt de jongen aan me. 'Nee hoor' ,antwoord ik quasi onschuldig, 'dat heeft iemand vast laten liggen.' ‘Nou, dan hebben we in ieder geval wat te lezen.’ Ik voel me enthousiast worden. Gaan ze het mee naar huis nemen?
Ik wacht af wat er gebeuren zal en neem wat hapjes van mijn sandwich die inmiddels gearriveerd is. Op een gegeven moment hoor ik het meisje zeggen 'Wie is Donna Tart ook alweer?' Ze pakt het boek op. Ongeduldig spiek ik over mijn boek. Ze laat het boek even door haar handen gaan. Maar nee, ze slaat het boek niet open en ze begint een gesprek met de jongens over een hoogstwaarschijnlijk andere Donna, die erg lelijk schijnt te zijn. Dan vertrekken ze. Mijn boek ligt er nog, verhuisd van de stoel naar een nieuwe prominente plaats op de tafel.
De serveerster die de tafel af begint te nemen vindt het nu. Nogmaals word ik gevraagd of het van mij is. Weer vertel ik dat iemand het heeft laten liggen. Daarbij lieg ik niet eens, ik vertel alleen niet dat ik die persoon ben. Ze kijkt me aan, twijfelt even en neemt het boek dan mee naar binnen. Verdorie. Nu heb ik dus geen idee wat er met het boek gebeuren zal. Maar dat is het hele idee van bookcrossing denk ik. Nu maar afwachten waar het terecht komt. Ik drink mijn cappuccino op en sta op om af te rekenen. Er staat een vrij stille jongen achter de bar. Mijn eerste indruk is dat hij een beetje in zichzelf gekeerd is. Bijzondere eigenschap voor zo’n baan. Ergens hoop ik dat hij mijn boek in handen krijgt, gezien hij me wel voorkomt als iemand die wellicht van lezen houdt. Maar ik zal daar nu niet achter komen.
Even ben ik geneigd om het lot een zetje te geven en het boek aan de jongen bekent te maken. Te vragen of hij van lezen houdt en of hij dat boek wat op het terras gevonden is mee wil nemen. ‘Nu wil je je er weer mee gaan bemoeien!’ zegt het stemmetje in mijn hoofd. ‘Je wilt controle uitoefenen op de reis van het boek’. Verhip, dat is waar. Ik geef mezelf even bedenktijd door naar het toilet te lopen. Eenmaal terug besluit ik de gang van zaken geheel los te laten. Boeken hebben hun lotsbestemming, is de quote van mijn eigen Ex Libris stickers, die ik in mijn favoriete boeken plak. Zo ook deze. Ik laat het boek aan zijn lot over.
Optie één was voor mij de Coffee Company, gezien daar een lange leestafel staat. Toen ik daar vanmiddag langsliep, trok het me echter toch niet zo aan. Ik wilde er namelijk eigenlijk ook wel een cappuccino bij. En je kon er niet pinnen. Dat betekende dat ik in een ellenlange rij moest gaan staan, de combinatie lekker weer en de zaterdag zorgen voor een overvolle stad. Dilemma. Mijn maag liet me weten dat ik meer dan alleen een kop koffie diende te bestellen. Daarnaast wilde ik nog een cadeautje halen voor een vriendinnetje. Gezien ik voor beiden op het Janskerkhof terecht kan, liep ik die kant uit.
Ik besloot naar boekhandel Bijlevelt te gaan, voor het cadeau dat ik zocht. Terwijl ik door de boeken snuffel komt er een man binnen. Met een cynische ondertoon vraagt hij aan de verkoopster waarom er geen enorm billboard voor Michael Jackson in de etalage stond. De verkoopster reageert ietwat verbijsterd. Als ze antwoord dat dit haar niet nodig lijkt, begint de man een uiteenzetting over het feit dat hij maar niet kan begrijpen waarom er zoveel ophef over Michael Jackson gemaakt wordt. 'De grootste artiest aller tijden? En Mozart dan? En wat dacht je van Beethoven, en Bach!' snuift hij verontwaardigd. De verkoopsster kijkt hem meewarrig aan, niet op haar gemak met de situatie. Ik luister geamuseerd mee, terwijl ik een boek uit het schap pluk en er afwezig in blader. Na een paar minuten is de man klaar met zijn relaas. Hij grinnikt, bedankt de verkoopster en gaat er vandoor. Inwendig grinnik ik mee. Hij heeft wel een punt. Na de boekwinkel drie keer rondgelopen te hebben vind ik eindelijk het gewenste boek en reken het af.
Mede om hun heerlijke cappuccino’s plof ik bij Hemingways neer, dat zich direct naast de boekhandel bevind. Ik kies een vrij leeg gedeelte van het terras uit, waar ik onopgemerkt mijn bookcrossing geschenk achter kan laten. Ik pak het boek uit mijn tas, kijk even rond, en leg het neer op de stoel naast me, uit het zicht. Voldaan bestel ik een cappuccino en een sandwich, en open mijn eigen leesboek (Als Een Rivier van Paulo Coelho, overigens een aanrader). Niet veel later komt er een stel mensen naast mij zitten, twee jongens en een meisje. 'Is dat boek van jou?' vraagt de jongen aan me. 'Nee hoor' ,antwoord ik quasi onschuldig, 'dat heeft iemand vast laten liggen.' ‘Nou, dan hebben we in ieder geval wat te lezen.’ Ik voel me enthousiast worden. Gaan ze het mee naar huis nemen?
Ik wacht af wat er gebeuren zal en neem wat hapjes van mijn sandwich die inmiddels gearriveerd is. Op een gegeven moment hoor ik het meisje zeggen 'Wie is Donna Tart ook alweer?' Ze pakt het boek op. Ongeduldig spiek ik over mijn boek. Ze laat het boek even door haar handen gaan. Maar nee, ze slaat het boek niet open en ze begint een gesprek met de jongens over een hoogstwaarschijnlijk andere Donna, die erg lelijk schijnt te zijn. Dan vertrekken ze. Mijn boek ligt er nog, verhuisd van de stoel naar een nieuwe prominente plaats op de tafel.
De serveerster die de tafel af begint te nemen vindt het nu. Nogmaals word ik gevraagd of het van mij is. Weer vertel ik dat iemand het heeft laten liggen. Daarbij lieg ik niet eens, ik vertel alleen niet dat ik die persoon ben. Ze kijkt me aan, twijfelt even en neemt het boek dan mee naar binnen. Verdorie. Nu heb ik dus geen idee wat er met het boek gebeuren zal. Maar dat is het hele idee van bookcrossing denk ik. Nu maar afwachten waar het terecht komt. Ik drink mijn cappuccino op en sta op om af te rekenen. Er staat een vrij stille jongen achter de bar. Mijn eerste indruk is dat hij een beetje in zichzelf gekeerd is. Bijzondere eigenschap voor zo’n baan. Ergens hoop ik dat hij mijn boek in handen krijgt, gezien hij me wel voorkomt als iemand die wellicht van lezen houdt. Maar ik zal daar nu niet achter komen.
Even ben ik geneigd om het lot een zetje te geven en het boek aan de jongen bekent te maken. Te vragen of hij van lezen houdt en of hij dat boek wat op het terras gevonden is mee wil nemen. ‘Nu wil je je er weer mee gaan bemoeien!’ zegt het stemmetje in mijn hoofd. ‘Je wilt controle uitoefenen op de reis van het boek’. Verhip, dat is waar. Ik geef mezelf even bedenktijd door naar het toilet te lopen. Eenmaal terug besluit ik de gang van zaken geheel los te laten. Boeken hebben hun lotsbestemming, is de quote van mijn eigen Ex Libris stickers, die ik in mijn favoriete boeken plak. Zo ook deze. Ik laat het boek aan zijn lot over.
Posted by Naiyaru
on
-
Rolpatronen
Het onderwerp van de vorige post volgend, kom ik nu een publicatie tegen, wederom in de Automatiseringsgids, waarin de beste ICT werkgevers van Nederland in kaart gebracht zijn. Natuurlijk ga ik daar even in neuzen omdat ik weet dat de Rabobank hier ook toe behoort.
Op alle punten scoort de bank het maximaal haalbare; Arbeidsvoorwaarden, Opleiding & Training, Interne Promotiekansen, Werksfeer & Omstandigheden, Bedrijfscultuur en natuurlijk Innovatie. Stiekem ben ik wel een beetje trots op mijn werkgever. En dat mag ook, want ik heb het nog steeds erg naar mijn zin bij de bank. Na deze constatering bladerde ik nog wat verder in het digitale magazine dat hiervoor in het leven geroepen is.
Wat me opviel, met name na aanleiding van het vorige bericht, is de hoeveelheid vrouwen die op de vacature advertenties afgebeeld staan. Op een vacature van Nuon, die op zoek schijnt naar JAVA developers, SAP & applicatieconsultants staat een trotse, knappe vrouw afgebeeld. Er wordt dus wel degelijk gestuurd op meer vrouwelijk personeel, als ik dat daaruit aan mag nemen.
Overigens kwam ik over dat onderwerp ook nog een mooie discussie tegen onderaan het bericht. Een lezer vroeg zich af waarom de nadruk met name gelegd wordt op de beweging dat er meer vrouwen in mannelijke functies terrecht dienen te komen, en of dat omgekeerd ook het geval was? Mannen in de kinderverzorging, verpleging en wat te zeggen van vaders die minder gaan werken om een dag of twee bij de kids te zijn? Het gebeurt in de meeste relaties gelukkig wel, maar het is nog zeker niet gewoon te noemen. Balans blijft het sleutelwoord.
Wat zou het mooi zijn als we beroepen e.d. niet alleen maar zien als voor mannen of vrouwen, maar enkel kijken naar de mens die voor ons staat. Ongeacht geslacht, ras, afkomst of uiterlijk. Gewoonweg echt zien wie er voor ons staat. Dan kunnen we echt beginnen met van elkaar te leren.
Op alle punten scoort de bank het maximaal haalbare; Arbeidsvoorwaarden, Opleiding & Training, Interne Promotiekansen, Werksfeer & Omstandigheden, Bedrijfscultuur en natuurlijk Innovatie. Stiekem ben ik wel een beetje trots op mijn werkgever. En dat mag ook, want ik heb het nog steeds erg naar mijn zin bij de bank. Na deze constatering bladerde ik nog wat verder in het digitale magazine dat hiervoor in het leven geroepen is.
Wat me opviel, met name na aanleiding van het vorige bericht, is de hoeveelheid vrouwen die op de vacature advertenties afgebeeld staan. Op een vacature van Nuon, die op zoek schijnt naar JAVA developers, SAP & applicatieconsultants staat een trotse, knappe vrouw afgebeeld. Er wordt dus wel degelijk gestuurd op meer vrouwelijk personeel, als ik dat daaruit aan mag nemen.
Overigens kwam ik over dat onderwerp ook nog een mooie discussie tegen onderaan het bericht. Een lezer vroeg zich af waarom de nadruk met name gelegd wordt op de beweging dat er meer vrouwen in mannelijke functies terrecht dienen te komen, en of dat omgekeerd ook het geval was? Mannen in de kinderverzorging, verpleging en wat te zeggen van vaders die minder gaan werken om een dag of twee bij de kids te zijn? Het gebeurt in de meeste relaties gelukkig wel, maar het is nog zeker niet gewoon te noemen. Balans blijft het sleutelwoord.
Wat zou het mooi zijn als we beroepen e.d. niet alleen maar zien als voor mannen of vrouwen, maar enkel kijken naar de mens die voor ons staat. Ongeacht geslacht, ras, afkomst of uiterlijk. Gewoonweg echt zien wie er voor ons staat. Dan kunnen we echt beginnen met van elkaar te leren.
Posted by Naiyaru
on
-
Nederlandse vrouw peinst niet over carrière in ICT
Nederlandse vrouwelijke studenten zijn niet geïnteresseerd in een studie of carrière in ICT, ook al beschikken zij over goede basiscomputervaardigheden. De verwachting is dat Europa de komende decennia wordt geconfronteerd met een tekort aan tienduizenden ICT’ers. Daarbij zijn vrouwen momenteel aanzienlijk ondervertegenwoordigd in de ICT.
In 2004 was minder dan 25 procent van de informatica-afgestudeerden in de EU een vrouw, in Nederland schommelt dit percentage rond de 10 procent. (zie Automatiseringsgids voor het hele artikel)
Negatieve trend
Vrouwen zijn momenteel sterk ondervertegenwoordigd in de ICT. Volgens Cisco was in 2004 minder dan 25 procent van de informatica-afgestudeerden in de EU een vrouw. Als hier niets aan gedaan wordt, zal deze trend zich voortzetten, vrezen de deskundigen. Door meer realistische en authentieke informatie over ICT en ICT-carrières te geven, kan het bestaande beeld van ICT bij vrouwen volgens de experts worden veranderd. (lees hier meer)
Op mijn Rabo e-mailaccount heb ik een abbonnement op de Automatiseringsgids (zoals het een goede ICT-er betaamd) en daar las ik dit berichtje. Enerzijds voelt het wel goed, om een van de weinige vrouwen te zijn die wel interesse in ICT heeft. Het biedt natuurlijk goede toekomstperspectieven als er weer een IT tekort dreigt en bedrijven daarbij ook meer vrouwelijke medewerkers binnen de IT aan proberen te nemen. Toch is het jammer te zien dat er zo weinig vrouwelijke interesse is voor deze branche En waarom zou de interesse juist in Nederland in de ICT zo laag zijn? Denken met name vrouwen dat we alles ondertussen wel hebben op IT gebied? Dat er geen nieuwe mogelijkheden zijn? Zien ze geen carriére kansen in een normaliter door mannen gedomineerde branche?
Persoonlijk zie ik mijn vrouw-zijn in de ICT juist als uitdaging. Het is leuk om te merken dat mannen niet verwachten dat je als vrouw IT kennis bezit en zelfs nog goed presteert tussen de soft- en hardwareperikelen. Het lijkt me wel wat lastig om vrouwen voor dit soort banen te motiveren. Wat mij zelf aanspreekt is de veelzijdigheid van IT, de mogelijkheden die je in de automatisering hebt, de innovatie en vernieuwingen en het schakelen tussen het abstracte en detailniveau. Daarnaast is de IT een zeer goede opstap om het bedrijfsleven goed te leren kennen. De meeste bedrijfsprocessen worden immers door IT ondersteunt.
Misschien leeft onder de oh zo geëmancipeerde vrouw in Nederland alsnog het hopeloos ouderwetse idee dat computers iets voor mannen zijn. Mijn advies? Get over it and try it. Wellicht gaat er een nieuwe wereld voor jullie open, vrouwen van Nederland. Jullie zijn er hard nodig!
Posted by Naiyaru
on
-
Kinderkikkertjes
Na een regenbuitje wandel ik door het bos. Uit mijn ooghoek zie ik miniscule beweginkjes. Het zijn kleine kikkertjes, die in grote aantallen over het bospad heen springen. Overal zie ik de beestjes vrolijk heen en weer springen. Waarheen en waarvandaan is me een raadsel. Het bemoeilijkt het wandelen en ik moet glimlachen om de moeite die ik moet doen om de kikkertjes te ontwijken. Ze zijn zo klein. Kinderkikkertjes, die met zijn allen de wijde wereld in gaan. Ik buk en laat er eentje op mijn hand springen. Licht en zacht. Zo kwetsbaar. Ik geef hem een zetje tegen zijn achterste, opgeschrikt springt hij de bosjes in. Het leven is zo teer en kwetsbaar.
Posted by Naiyaru
on
-
Les van Nico Tydeman
Het goede nieuws zou ik eigenlijk nog even voor me houden, maar ik heb groen licht gekregen om het toch 'openbaar' te kunnen maken. Wat me eerst onmogelijk leek, is nu toch in gang gezet. Ik mag hoogstwaarschijnlijk Zen onderricht gaan volgen in de Zentrum groep van sensei Nico Tydeman. Iets waar ik ontzettend blij, gelukkig en dankbaar voor ben.Nico is in mijn ogen echt een hele grote leraar, en ik ben niet de enige die daar zo over denkt, want voor zijn Zen onderricht staat een wachtrij van zo'n zes jaar. Edit: er bleek toch wat mis- communicatie over de plaatsing. Ik sta nu 6e op de wachtlijst, dus het is nog even spannend.
Gezien er bij Rigpa momenteel ook geen formele lessen zijn voor de nieuwe mandala studenten, komt het des te mooier uit, dat ik mijn formele beoefening in de vorm van Zen mag en kan gaan voortzetten. Ik ben ontzettend benieuwd naar Zen en heb me altijd in zowel Tibetaans Boeddhisme als Zen geïnteresseerd. Het lijkt me fantastisch om me eindelijk te verdiepen in zazen, daisan en koanstudie. Er gaat vast een wereld voor me open.
Zentrum is daarbij ook nog eens gesitueerd in Utrecht, ongeveer tegenover het Rembrand theater, en is voor mij ook nog eens heel makkelijk te bereiken. Ik blijf duimen!
Posted by Naiyaru
on
-
Catherine Marshall - Christy
Gisteren ben ik weer begonnen in een boek waar ik op de basisschool al verliefd op was. De titel is Christy, van Catharine Marshall. Mijn jeugd-vriendinnen Anna en Loes kennen het waarschijnlijk nog wel. Ik was er helemaal verliefd op. Ik heb het boek als kind steeds weer gelezen, na aanleiding van de televisieseries. Elke zomer weer leende ik het van de bibliotheek. Er was maar één exemplaar van, wat baalde ik als het uitgeleend was. Het is ook wel een bijzonder verhaal hoe het uiteindelijk in mijn bezit gekomen is.
Op mijn 15e begon ik te werken in de bibliotheek en verdiende een klein zakcentje, zo'n 5 gulden per uur. Van de 3 uur die ik daar per week werkte, kon ik net mijn treinkaartje naar mijn toemalige vriendje betalen. Mijn werk bestond uit de ingekomen boeken terug te zetten, op nummer en op alfabet. Die haalde ik uit een enorme kast, waar alles door elkaar stond, en zette deze in grote karren. Dan werd het sorteren en opruimen geblazen. De boekenseries als Baantjer waren altijd de grootste uitdaging, die moest je namelijk EN op nummer EN op Titel terugzetten.
Natuurlijk kwam ik vaak boeken tegen die me interessant leken en dan trok ik me stiekem terug in een hoekje, met de gigantische kar met boeken net voor me, zodat ik uit het zicht zat. Daar bladerde ik dan stiekem door de boeken. De meest interessante legde ik dan onder in de kar, om ze later zelf te lenen. Ik vond de geur van die oude boeken altijd prettig, en dat heb ik nu nog als ik oude boeken doorblader. Gelukkig werkte ik vaak boven, op de eerste etage, waar het rustiger was dan beneden bij de ingang. Later moest ik me toe gaan leggen op de kinderbibliotheek, dat vond ik wat minder interessant. Anders dan Anna en Loes, ben ik nooit zo gek geweest op kinderboeken.
Op een gegeven moment kwam er een grote opruiming in de bibliotheek en werden een aantal romans in bakken gelegd, voor de schamele 50 cent per boek. Daar keek ik elke week even in. Toen ik daar doorheen neusde kon ik niet geloven dat Christy, het boek wat ik jarenlang, elke zomer, trouw bij de bieb kwam lenen, er ook tussen lag. Toentertijd waren boeken voor mij nog vrij duur en boeken over internet bestellen, dat deed je nog niet. (goh, ik word oud!) Dus dat ik dat boek, mijn favoriete boek, vond voor een prikkie, was voor mij ongelooflijk. Nodeloos om te vermelden ging het meteen mee naar huis.
En nu ligt het open naast me. Een echt ex-bibliotheek boek. De kaft is geplastificeerd, en er zit nog zo'n lelijke bibliotheek sticker op de rug van het boek. Gekenmerkt als streekromannetje nog wel. Met zo'n huisje en een boompje. Een aantal bladzijdes zitten los en op de voorkant, net op Christy's jurk, zit een grote gelige vlek. Maar toch is het boek me ontzettend dierbaar. Want dit is juist het boek wat ik mijn halve leven al meedraag. Bijzonder.
De afgelopen tijd ben ik vrij moe geweest van de laatste maanden. Er is ook zo'n hoop gebeurd. Om nu eens geen dharma boeken op te pakken en constant bezig te blijven met leren, analyseren en bestuderen, pakte ik deze oude favoriet weer eens op. En wat blijkt, nu, met alle ervaring tot nu toe, lees ik het boek met hele andere ogen. Ik begrijp het verhaal weer een stuk beter.
Dit stuk in het boek viel me vandaag in het bijzonder op;
'...Het was zo bijzonder te ontdekken hoe belangrijk de natuur is bij het oplossen van vragen die van levensbelang zijn, die een persoon doen beseffen wie hij werkelijk is. En dat heb ik niet alleen in mijn eigen leven gezien. Niet dat Asheville zo'n grote plaats is. Misschien zijn het juist de kleine, kunstmatige verzetjes die ons van ons diepste wezen scheiden. Zelfs een paar bakstenen met cement ertussen vormen al een muur - een muur tussen ons en de wijsheid waar de natuur van overvloeit.'
- Christy, door Catherine Marshall
De metafoor vind ik prachtig. De muur tussen ons innerlijk en het uiterlijke, kunstmatige leven. Die muur is alsmaar groter geworden. En ik herken dat ik die muur steeds meer probeer af te brokkelen. Probeer gaten te slaan in de kunstmatige muur die ik zelf en onder druk gebouwd heb. De muur die de afscheiding veroorzaakt om echt te kunnen ervaren. En die kleine, kunstmatige verzetjes. Dat is precies de afleiding die we constant zoeken. We denken dat we dan pas werkelijk leven.
Sommige 'kunstmatige verzetjes' geven je echter even zo'n kick, zo'n ervaring, dat je even geen woorden hebt om ze te beschrijven. Dan is het even stil in je hoofd. Gek genoeg voelen onszelf dan pas echt leven. Terwijl we ons eerst, vaak letterlijk, in allerlei bochten moeten wringen om zo'n ervaring mee te maken. Het boek begint rond 1912. De afleidingen die Christy in dit citaat beschrijft, is nu verviervoudigd, als het niet meer is. De teksten zijn daarom juist nog waardevoller in mijn ogen. Het mooie vind ik, is dat het boek met name uit een Christelijke achtergrond geschreven is, maar ik haar ideeën toch prima kan plaatsen in mijn eigen, veelal boeddhistische context.
Christy is in mijn ogen altijd een inspiratiebron geweest. Een zeer dappere tante. Van haar beschermde leventje zomaar les gaan geven, amper negentien jaar oud, in de woeste hooglanden van de Great Smoky Mountains, waar ze daadwerkelijk op de proef gesteld wordt. Niet alleen haarzelf, maar ook haar geloof, haar meningen en opvattingen over mensen. Ze maakt een hoop mee in een jaar tijd en ook zij neemt rust om alles te laten bezinken. Pas dan, schrijft ze, kunnen eindelijk de zaadjes van wijsheid en kennis ontkiemen, die ze al die tijd opgespaard heeft. Soms heb je gewoonweg een pauze nodig, om hernieuwde energie op te doen en er weer geheel tegenaan te gaan. Ik trek hier een parallel met mijn eigen leven, gezien ook ik een jaar vol ontwikkelingen achter de rug heb. Even een pas op de plaats nemen is niet mijn sterktste kant. Als ik enthousiast ben heb ik de neiging om gewoonweg door te gaan. Net zoals de hoofdpersoon van dit boek. Gelukkig leren we allemaal door vallen en opstaan. Zoals een baby leert lopen, zoals haar mentor Miss Alica het zo mooi in een metafoor verwoord...
Posted by Naiyaru
on
-
Vrouwen en het Boeddhapotentieel
Sinds jaren ondersteunt de Dalai Lama de positie van vrouwen binnen het boeddhisme en dan met name boeddhistische nonnen die om dezelfde rechten en status vragen als monniken. In Hamburg werd hierover in 2007 een grote conferentie georganiseerd met tientallen wetenschappers uit Azië, Europa, de VS en Australië en een groot aantal nonnen uit de verschillende tradities. Vooraanstaande vrouwen uit diverse tradities deelden hun mening en kennis over het belang van gelijke rechten. Voor de Boeddha zelf stond het buiten kijf dat binnen het boeddhisme vrouwen hetzelfde spirituele potentieel hebben en recht hebben op dezelfde behandeling als mannen. De Dalai Lama is het daar mee eens. Maar in Tibet en ook in landen als Thailand en Birma zijn er nogal wat conservatieve krachten die daar anders over denken. Volgens de Dalai Lama is het nu tijd dat ook zij deze transformatie doormaken. Maar omdat hij slechts een bemiddelende rol heeft binnen zijn eigen traditie, roept hij de leidinggevenden van andere boeddhistische tradities op spoedig actie te ondernemen.
In bovenstaande documentaire komen een aantal hoge vrouwelijke leraren aan bod, waaronder Tenzin Palmo, die een aantal weken te gast was in Nederland, onder de hoede van Ani Jinba. Ik heb haar helaas moeten missen, en ben daarom erg blij met dit beeldmateriaal. Naast Tenzin Palmo komen de volgende vrouwen o.a. aan bod; Dr. Karma Lekshe Tsomo, Dr. Phil. Thea Mohr, Bhikhuni Dhammananda, Rinchen Khando Choegyal, Carola Roloff
His Holiness de Dalai Lama spreekt in deze documentaire in een fora met een aantal nonnen over de rol van vrouwen in het boeddhisme. Hij spreekt uit dat hij totaal achter de gelijkwaardigheid van mannen en vrouwen in het boeddhisme staat. Helaas is dit in de praktijk lang niet altijd het geval. Met name in de Theravada geörienteerde landen bestaat er veel onwetendheid over de rol van vrouwen in het boeddhisme. Zo worden vrouwen soms zelfs als een 'mindere' incarnatievorm gezien. Zelfs het boeddhisme heeft blijkbaar last gehad van de culturele en maatschappelijke verschillen tussen mannen en vrouwen, door de jaren door.
Door het gebrek aan een duidelijke lineage van vrouwelijke leraren, missen er vrouwelijke rolmodellen in het boeddhisme. In het varjayana boeddhisme wordt er nog het ruimst naar vrouwen gekeken, en wordt duidelijk aangegeven dat vrouwen de verlichting en het boeddhaschap kunnen bereiken. Ik sta er echt van te kijken dat volgens sommige theravada geschriften dit niet eens mogelijk zou zijn. Vrouwen zouden gewoonweg als man moeten reïncarneren om dit voor elkaar te boksen. In sommige kloosters binnen nonnen dan ook dat ze als man reïncarneren. Onvoorstelbaar.
Het vreemde hiervan is daarbij dat het boeddhisme de moeder als het hoogste wezen beschouwd, omdat zij de kinderen op de wereld zet en lesgeeft over alle aspecten van het leven. Ook hoge Rinpoche's en lama's hebben immers een moeder, en ik vind het een eer dat ik de moeder van Sogyal Rinpoche heb mogen ontmoeten, Mayum La. Zo'n bijzondere, warme en mooie vrouw. Het is daarom vrij paradoxaal dat nonnen niet gelijk worden gesteld aan monniken, met name in ordinatie. De Dalai Lama spreekt denkt dat met name het Westen daar een grote rol in kan spelen, omdat we daar veel verder zijn dan de gelijkheid tussen mannen en vrouwen. De Dalai Lama mag en kan hier zelf geen uitspraak over doen, omdat dit ook in samenspraak met de sangha moet gaan. Boeddhisme wordt niet vanuit één leider geleidt, en zo kunnen er ook geen éénduidige dogma's en regels ontstaan.
We moeten daarnaast ook niet vergeten dat de gelijkheid tussen vrouwen en mannen, pas heel vers is, ook in het Westen. Dat geldt ook voor de rassendiscriminatie, daar zijn nog dagelijks nieuwsberichten over te vinden. Momenteel schijnen mannen, ook in Nederland, over het algemeen steeds net wat meer te verdienen dan vrouwen in gelijke posities. We hebben wat dat betreft nog een behoorlijke weg te gaan. Ook als vrouwen. Vrouwen hebben volgens mij de taak om hun mannelijke kant beter te ontwikkelen. Daarbij hebben mannen de taak om hun vrouwelijke kant te ontwikkelen, om zich kwetsbaar op te stellen en zachtheid te ontwikkelen.
Een soort evrouwcipatie, nu de vrouw geëmancipeerd is geworden. Over de rolverdeling van mannen en vrouwen bestaat nu veel onduidelijkheid, hetgeen terug te zien is in de huwelijken en de relaties. Mensen scheiden vrij snel, relaties bereiken soms nooit een mate van vriendschap en waarlijke liefde. Men blijft verward in het zoeken binnen en buiten zich/haarzelf. In dit schema, dat ik eerder heb gepost, wordt het verschil tussen een spirituele en een verwarde relatie goed zichtbaar. Ik kan me er in ieder geval goed in vinden.
Persoonlijk denk ik dat dit een deel evolutie is van de menselijke geest. We gaan als mensheid nu door een enorm leerproces, en daarbij een heel snel leerproces. Jarenlange dogma's worden eindelijk onder de loep genomen. Het ego is de grootste vernieler in relaties tussen mensen, zowel liefdes- als vriendschappelijke relaties. We zijn zo'n verward volkje. Het is voor sommige mannen al moeilijk om te vragen hoe het nou echt met je gaat, en waar je echt behoefte aan hebt, terwijl vrouwen af en toe doordraven in hun feministische onafhankelijkheid, waarbij ze mannen weer afschrikken.
De gulden middenweg vinden is niet makkelijk, (ik kan het zelf beamen, ik ben alweer een jaartje single) maar het is wel mogelijk. Daar geloof ik in. Ik ben erg geïnspireerd door deze mooie documentaire en vind hem een aanrader voor zowel vrouwen als mannen. Die grote scheidingslijn tussen taken en emoties die typisch mannelijk of vrouwelijk zouden moeten zijn, dienen te vervagen. Zodat we gewoonweg echt mensen kunnen zijn en open kunnen staan waarlijk van elkaar te leren. In liefde. Hoe meer je focused op verschillen, hoe meer afgezonderd je jezelf van anderen zult voelen.
Ik hoop daarbij dat vrouwen zich ook steeds meer kunnen ontwikkelen, of dat nou in het boeddhisme is of daarbuiten, in christendom, als moslim, als hindoe of als jaín. De tijd is aangebroken dat de mogelijkheden eindelijk open liggen, voor elk individue. De kracht ligt het hem in zelf de juiste keuzes te kunnen maken, die tot vrijheid en geluk van zowel jezelf als de mensen om je heen leiden. Hoe meer vrouwen de moed opbrengen om deze keuzes te maken, hoe meer ze ook mannen zullen inspireren om mee te groeien.
De documentaire is hier online te bezichtigen.
Als we toch in het onderwerp zitten; ik heb zojuist Isabel Losada, schrijfster, een mail gestuurd om haar te bedanken voor alle inspiratie. die ze me gegeven heeft. Zij was een van de redenen dat ik me ben gaan inzetten voor de Tibet Support Group toentertijd. Dat is inmiddels 4 jaar geleden, en nu ben ik daar heel wat treden in voorruit gegaan. Een bedankje was dus wel op zijn plaats. Voor een kleine kennismaking met de schrijfster van 'The Battersea Park Road to Enlightenment' en 'A Beginners Guide For Changing The World: To Tibet With Love', kun je hier een grappig filmpje over haar bekijken. Ik word persoonlijk nogal blij van deze maffe, lieve en mooie meid.
Posted by Naiyaru
on
-
Monjes Budistas
Bijzonder, blijkbaar heeft de Sakya order een eigen hippe muziekgroep, de Monjes Budistas De Sakya monniken combineren het zingen van mantra's met moderne muziek. Misschien om het aantrekkelijker te maken voor Westerlingen? Ik keek er in ieder geval wel van op, toen ik de mantra van de 100 syllable mantra (Vajrasattva) op youtube aan het zoeken was en ik dit filmpje van hen tegenkwam. Het nummer begint met de Vajrasattva mantra en wordt in het midden af en toe onderbroken door de Tara mantra. Ik moest er even aan wennen, maar vind het toch wel wat hebben.
Edit: de link werkte eerst niet goed, hij doet het nu! Dat krijg je ervan als je 's ochtends je blog update...
Edit: de link werkte eerst niet goed, hij doet het nu! Dat krijg je ervan als je 's ochtends je blog update...
Posted by Naiyaru
on
-
Haal het beste uit je naam
Wat zegt jouw naam over jou? Ik kreeg een leuke animatie via Volkskrant Banen van bureau Hart en Ziel. Ik vind het best leuk gedaan, dat ze positieve dingen uit je naam halen. Weten, la vie, tao... mooi!
Posted by Naiyaru
on
-
Z.H. de Dalai Lama & Sogyal Rinpoche Amsterdam 2009
Tienduizend mensen. Je weet pas hoeveel mensen dat zijn als ze allemaal om je heen zitten. Tienduizend mensen die in beweging zijn gekomen om His Holiness de Dalai Lama te ontmoeten. En het zouden er nog veel meer geweest zijn als er meer plaatsen beschikbaar waren. Het is ongelooflijk. Woensdag kwam ik uit mijn werk, om meteen door te gaan naar Amsterdam. In voorbereiding van de volgende dag, het bezoek van His Holiness, hebben we bij Rigpa meegedaan aan een Tsok beoefening. De daadwerkelijke Tsok (deel van de Tsok is een voedselofferande) was overvloedig. Er was taart, tapas, allerlei fruit en gebak. Er waren veel mensen gekomen, deels ook omdat Rinpoche wellicht met ons mee zou beoefenen. Dat is helaas niet gelukt, ook Rinpoche had het ontzettend druk met de voorbereidingen voor His Holiness, daarnaast zou hij zelf die avond ook nog een toespraak houden. Ondanks het gemis van Rinpoche was de Tsok fantastisch en ik vond het erg fijn dat weer te doen. Al moest ik na de beoefening de bloedsomloop in mijn benen wel weer even op gang krijgen, na drie uur in lotushouding.
We vertrokken om 7.15 en kwamen rond half 8 aan. Zelfs in alle vroegte stond er al een behoorlijke rij. Buiten was een prachtige zandmandala gemaakt. Om het voor het Nederlandse weer iets bestendiger te maken, was de zandmandala met stoepkrijt getekend. Binnen gingen we door een strenge controle heen, er mochten ook geen tassen en jassen mee naar binnen. Jammer dat zulke strenge beveiliging nodig is. Ergens in de pauze werd er een schreeuwende man afgevoerd. Ik wist niet wat er aan de hand was, maar er kunnen altijd vreemde types bijzitten. Dat maakte de controle ook wel begrijpelijk. Ik vond het erg leuk om te zien dat de vrijwilligers die bij de dag hielpen, ook grotendeels bestonden uit mensen van Rigpa. Er liepen overal bekenden rond en er werd enthousiast geknuffeld. Een aantal Rigpa leden waren in gestreste rep en roer, want natuurlijk zou ook 'onze' Rinpoche een toespraak houden, en dat zorgde wel weer voor een hoop geregel. Ongetwijfeld hebben ze het zeker weer fantastisch georganiseerd!
We hadden mooie plaatsen vooraan. Op het podium, in afwachting van His Holiness, namen al verscheidende mensen plaats, Roshi's van Zen River, Namkha Rinpoche, Sogyal Rinpoche, Amnyi Trulchung Rinpoche, die we bij Triwa Rinpoche hadden ontmoet, en ook Konchock had een plekje op het podium. Het doet me plezier om steeds meer bekende gezichten terug te zien, en het is ook fantastisch dat er zoveel verschillende scholen/lineages bij elkaar komen voor His Holiness. Toen uiteindelijk His Holiness binnenkwam. Je voelde zijn aanwezigheid meteen, echt fantastisch. Hij begon met een algemene inleiding, ook voor mensen die geheel nieuw waren, en begon daarna met een prachtige teaching met toelichting op het 6e hoofdstuk van de Bodhicharyavatara door Shantideva. De teksten waren terug te vinden in een prachtig boek wat we ontvingen bij de ingang, een speciale uitgave ter gelegenheid van deze bijzonder dag; getiteld 'Geduld'. Daarin staat de tekst volledig weergegeven, met uitleg. Met name het idee dat lijden ook positief bekeken kan worden, omdat we zonder lijden overmoedig en egotistisch worden, vond ik erg mooi. Het deed me denken aan de uitspraak van Thich Nhat Hahn , No Mud, No Lotus.
Sommige mensen worden extra moedig en standvastig,
wanneer ze hun eigen bloed zien vloeien.
Anderen vallen al flauw en raken bewusteloos,
als zij het bloed van anderen zien.
Deze reacties komen voort uit de geest,
die ofwel stabiel ofwel timide is.
Daarom dien ik kwaad dat mij wordt aangedaan te negeren,
en mij niet door lijden van de wijs te laten brengen.
Zels wanneer de wijzen pijn lijden,
blijft hun geest helder en onverstoord.
Wanneer ze strijd voeren tegen de verstorende emoties,
brengen ze deze in de strijd veel schade toe.
De winnende strijders zijn degenen,
die het pijn lijden negeren,
en de vijand, haat enzovoorts, overwinnen.
Gewone strijders verslaan enkel lijken.
Deze regels uit de tekst vind ik ontzettend mooi. Het is heel gemakkelijk om een goed hart te hebben voor de mensen om je heen, als je jezelf fit en vrolijk voelt, als er niets met je aan de hand is. Vanuit vrolijkheid en enthousiasme is liefde makkelijk te geven. Maar wat als je moe bent, zelf pijn hebt, geïrriteerd bent, ofwel, zelf op dat moment lijdt? Die teaching maakte ik de dag zelf mee, omdat ik ontzettend moe was. Omdat ik in het bijzijn van His Holiness geheel ontspande, kwam alle vermoeidheid in me los die ik de laatste weken, wellicht maanden, opgebouwd heb. Als je moe bent, zoals je vast ook zelf kunt beamen, raak je veel sneller geprikkeld en geïrriteerd. Er waren tienduizend mensen aanwezig, en al gauw overweldigde me dat een beetje. Ik vond mensen al gauw te hard praten, te hard lachen. Tot ik besefte dat dit alleen mijn eigen beeld was van realiteit, het beeld dat ik in mijn geest creëer. Terwijl dat niet de realiteit is, maar enkel mijn perceptie. Ik hoefde de knop enkel om te zetten om niet meer te lijden.
Ik dacht hier over na tijdens de lunch. Er liep een man rond met een vest om zijn middel geknoopt. Ik zat in mijn hoofd te worstelen tussen de vermoeidheid en irritatie, en hoe ik die nu uit kon schakelen. Ineens roept die jongen 'Ik heb dat vest omgeknoopt, omdat ik uit mijn broek gescheurd ben'. Toen hij dat zei lag ik ineens geheel in een deuk door het absurde ervan. Het weerspiegelde eigenlijk het net zo absurde gevecht in mezelf. Nadat ik uitgelachen was kon ik de vermoeidheid geheel toelaten, zonder er tegen te vechten, en mijn liefde voor de mensen daar weer te laten stromen.
Het klinkt allemaal zo simpel, de woorden, ook die van His Holiness. Zo logisch. Maar op de momenten dat je lichaam en geest op zijn zwakst zijn, merk je hoe moeilijk het is om waarlijk zo vrij in liefde te kunnen leven. Dat blijft de test en de training. Door vermoeidheid heen te gaan, door zere knieën tijdens drie uur beoefening, door het concept van tijd, het concept van pijn, het concept van vermoeidheid. En elke keer als je ook maar een paar minuten los kan komen van dat concept, ben je weer een klein beetje sterker geworden, met name in je geest. En dat zijn de dingen waar ik heel dankbaar voor ben.
Ik geloof dat iedereen ervan genoten heeft, op zijn of haar eigen manier. Vriendin Anna was de middag gekomen, we spraken elkaar even bij de Rigpa stand. Ze komt zondag mijn huisje bekijken, en dan hoor ik graag hoe zij de dag beleefd heeft.
Voor mij is het boeddhisme een levensfilosofie waar ik me goed in kan vinden. Iedereen die een positieve bijdrage aan de wereld wil brengen, een beter mens probeert te zijn en goed wil zijn voor hun omgeving, is in mijn ogen op het goede pad. Hoe je dat voor jezelf ook in wilt vullen. Gezien de aandacht die er nu voor de wereld is, is er alle hoop, dat we als mensheid de goede kant op gaan. Er is hoop. En met deze woorden in mijn hart ben ik als een blok in mijn bedje in slaap gevallen.
Op vrijdag 5 juni, 17.30 uur Nederland 2 zendt de BOS een samenvatting en sfeerverslag uit in het programma: De Dalai Lama in Nederland.
Posted by Naiyaru
on
-
Popular Posts
Category List
Bijzonder
Biologisch
Boeddhisme
Boekrecensie
Concerten
Creatief
De Waarheid over Eten
Digitaal
Documentaire
Edelstenen
Eenvoud
Ethiek
Exploratie
Favorieten
Fijne Producten
Filosofie
Fotografie
Games
Geschiedenis
Gezondheid
Goed voor de wereld
Huiselijk
Inspiratie
Lezingen
Liefde
Minimalisme
Muziek
Mystiek
Natuur
NLP
Ondernemen
Onderneming
Publicatie
Qoute
Recepten
Reizen
Retraite
Software
Spiritueel
Spirituele Vrouwen
Vegetarisch
Video
Vrijwilligerswerk
Werk
Wetenschap
Work
Yoga
Zen


