Dat moment dat je op de bank zit, in een vreemde houding, in mijn geval opgerold in een zelf gehaakt dekentje, te genieten van die laatste pagina's van een geweldig boek, die momenten zijn eigenlijk altijd bitterzoet. Ergens wil je niets liever dan verder lezen, en het eind komt dan al veel te gauw dichtbij. Er zijn vaak maar een aantal boeken waarbij je dat unieke gevoel hebt. Het gevoel dat je thuiskomt en denkt 'waar is mijn boek?' en dan je spullen neerploft om, nadat je nog even een warme kop thee of koffie voor jezelf gemaakt hebt, weer heerlijk in de wereld van dat boek te kunnen kruipen.

Dat is ook precies wat ik deed toen ik vandaag thuiskwam na een gesprek bij mijn klant. Met het voldane gevoel van een welbestede dag jezelf belonen met de laatste bladzijden van het boek wat ik aan het lezen was 'The Name of the Wind' door Patrick Rothfuss. Ik heb het met een zucht uitgelezen, ergens wel heel blij dat het boek duidelijk een vervolg zou krijgen.  Het boek heb ik gekregen van mijn tante.

Mijn tante en ik spraken elkaar niet veel toen ik jonger was - geen onwil, maar we zagen elkaar gewoon nooit - en hebben pas sinds een aantal jaar intensief contact gekregen. In onze gesprekken kwamen we opvallend veel overeenkomsten tegen, in onze muzieksmaak, de boeken die we lezen en beiden blijken we gek te zijn op curry's en ander oosters voedsel. Sindsdien hebben we er een gewoonte van gemaakt om elkaar een mooi boek te geven wanneer één van ons jarig is, vaak is dat een fantasy of sci-fi boek. Voor mijn verjaardag gaf ze me al eerder 'The War of Flowers' van Tad Williams, waar ik ook ontzettend van genoten heb.

Dit jaar - of eigenlijk nog vorig jaar - sloeg ze de spijker weer op zijn kop met dit prachtige boek 'The Name of the Wind.' Ik lees fantasy/sci-fi het liefste in het Engels, omdat ik Nederlandse fantasy vaak zo raar vind klinken. Op de een of andere manier lijkt het - voor mij althans - veel geloofwaardiger in het Engels dan in het Nederlands.  Mocht je een liefhebber zijn van het genre, dan is dit boek zeker een aanrader. Het is in het begin even inkomen, het verhaal begint in een herberg met wat schimmige figuren, op een manier die me een beetje aan Hemmingway's 'The Torrents of Spring' deed denken. Pas toen de eigenaar van de herberg zijn eigen verhaal begint te vertellen aan de lezer, werd ik er echt ingezogen.

Het is een verhaal over zeer arme jongen die zijn dromen wil waarmaken in de magische Universiteit. Maar zeker niet vergelijkbaar met de weemoed van Oliver Twist of de avonturen van Harry Potter. Rothfuss vertelt zijn verhaal op een zeer eigen en originele wijze, waardoor het verhaal eigenlijk echt niet met een ander fantasy verhaal te vergelijken is. Het is volwassen fantasy, soms ietwat rauw, er zit iets van melancholie in maar ook iets hopeloos optimistisch.

Daarbij heeft de schrijver een geestige manier van vertellen en zitten er vaak snedige, sarcastische stukjes tussen, zonder het verhaal eronder te laten lijden. Zijn eigen website deelt mee dat het volgende boek alweer uit is, dus als het in Nederland verkrijgbaar is zal ik het zeker snel in huis halen. Dit is zeker een schrijver om in de gaten te houden, en is in mijn waardering opgeklommen op een gedeelde plaats met mijn favoriete schrijfster Jacqueline Carey.
So begins the tale of Kvothe—from his childhood in a troupe of traveling players, to years spent as a near-feral orphan in a crime-riddled city, to his daringly brazen yet successful bid to enter a difficult and dangerous school of magic. In these pages you will come to know Kvothe as a notorious magician, an accomplished thief, a masterful musician, and an infamous assassin. But The Name of the Wind is so much more—for the story it tells reveals the truth behind Kvothe's legend.